Ga naar hoofdmenu / zoekveld

  1. Home
  2. Adviezen
  3. Beleid en regelgeving voor de Noordzee

Beleid en regelgeving voor de Noordzee

Het nieuwe kabinet moet zorgen voor een samenhangende toekomstvisie op de Noordzee. Dit is nodig omdat het economische belang van de ruimte op de Noordzee toeneemt. Daardoor ontstaat ook een grotere druk op de natuur- en milieubelangen op zee. Dit is de boodschap van de Commissie van Advies inzake de Waterstaatswetgeving in haar advies ‘Waarborgen voor een samenhangend beleid voor de Noordzee’. 

De Commissie pleit voor een nieuwe wet die waarborgt dat er een afwegingskader komt voor alle gebruiksfuncties op de Noordzee. In deze nieuwe wet zou een verplichting moeten komen voor de overheid om een ruimtelijke visie te maken voor de Noordzee. Deze visie dient tot uitdrukking te komen in een beheersplan Noordzee, met bijbehorende geografische kaarten. Vervolgens zullen in de toekomst alle vergunningen voor activiteiten op en in de Noordzee getoetst moeten worden aan dit beheersplan. 

Op deze manier is naar het oordeel van de Commissie een betere afweging van alle betrokken belangen gewaarborgd. Ook komt er zo een wettelijk kader tot stand waarbinnen internationale en Europese natuur- en milieuverplichtingen op een meer integrale manier geïmplementeerd kunnen worden. 

Verder beveelt de Commissie aan om in art. 9 Tracéwet aanvullend op te nemen dat de verantwoordelijke minister slechts een standpunt bepaalt omtrent het al dan niet in overweging nemen van de aanleg of wijziging van een hoofdweg of hoofdvaarweg of de medewerking aan de aanleg of wijziging van een landelijke railweg nadat de financiële uitvoerbaarheid van het project is onderzocht. Daarbij dient redelijkerwijs aannemelijk te zijn gemaakt dat de voor dit project benodigde financiën op afzienbare termijn beschikbaar zullen komen. 

Ook constateert de Commissie dat art. 18 lid 1 van de Tracéwet, gezien de huidige opzet van het Meerjarenprogramma Infrastructuur en Transport (MIT), niet meer geheel aan haar oorspronkelijke bedoeling beantwoordt. Zij adviseert om aan deze discrepantie tussen wetgeving en beleidspraktijk een einde te maken door expliciet in het MIT op te nemen dat slechts de categorieën 0 en 1 gezamenlijk het uitvoeringsprogramma vormen zoals bedoeld in art. 18 Tracéwet.

Advies (PDF-document, 810.96 Kb)